Een taxatie die stilligt door de fundering betekent dat de taxateur het rapport nog niet kan afronden omdat de funderingsbeoordeling daarin nog niet rond is. Sinds 1 april 2026 beoordelen taxateurs de fundering verplicht in het taxatierapport, met de KCAF-risicoklasse A tot en met E. Komt daar klasse D of E uit, dan moet in beginsel eerst aanvullend onderzoek plaatsvinden voordat het rapport wordt afgerond. Het gaat dus niet om een afwijzing, maar om een volgorde: eerst duidelijkheid over de fundering, dan pas een afgerond rapport.
In het kort
- Sinds 1 april 2026 staat de funderingsbeoordeling verplicht in het taxatierapport, met risicoklasse A tot en met E.
- Bij klasse D of E wordt het rapport in beginsel pas afgerond nadat er aanvullend onderzoek is geweest.
- Een funderingsonderzoek kost volgens het KCAF 4.000 tot 5.000 euro.
- De NVM signaleert dat er te weinig deskundigen beschikbaar zijn en dat onduidelijk is waaraan de onderzoeken moeten voldoen.
- Wat een geldverstrekker vervolgens doet, verschilt per partij. Een onafhankelijk hypotheekadviseur is daarvoor de aangewezen gesprekspartner.
Wat er sinds 1 april 2026 gebeurt in het taxatieproces
Voor die datum was de fundering in een taxatierapport vaak een zijopmerking. Nu is de beoordeling een vast onderdeel: de taxateur legt een risicoklasse A tot en met E vast. Die klasse komt uit de KCAF-systematiek. Bij A tot en met C loopt het rapport doorgaans zijn normale gang. Bij D of E ontstaat een extra stap, omdat het rapport in beginsel niet wordt afgerond voordat aanvullend onderzoek heeft plaatsgevonden. Dat is geen oordeel over jouw specifieke pand, maar het gevolg van de regel dat een risicosignaal eerst wordt uitgezocht.
Waarom er bij D of E eerst onderzoek komt
Een klasse D of E is een signaal dat de fundering risico loopt, niet een vaststelling van de werkelijke staat ervan. Zonder aanvullend onderzoek zou de waarde in het rapport op een onzekere aanname rusten. Het aanvullend onderzoek is daarmee precies het instrument om die onzekerheid weg te nemen. In de praktijk pakt dat regelmatig gunstiger uit dan de klasse doet vermoeden, omdat de klasse deels op gebiedskenmerken berust. Wat de klasse inhoudelijk betekent, staat uitgewerkt in ons artikel over klasse D of E, en over de betrouwbaarheid van zo'n score schreven we een apart stuk.
De volgorde van stappen
- Vraag de taxateur precies op welke klasse is vastgelegd en op welke onderbouwing die rust. Zonder dat weet je niet wat er onderzocht moet worden.
- Ga na wat er al bekend is: eerder funderingsonderzoek van jouw pand, van het buurpand of van het bouwblok. Dat scheelt tijd en soms een volledig onderzoek.
- Laat de fundering beoordelen door een deskundig bureau. Bij twijfel over de klasse is een QuickScan een eerste, snellere tussenstap voordat je een volledig onderzoek laat doen.
- Deel de uitkomst met de taxateur, zodat het rapport kan worden afgerond.
- Bespreek daarna met een onafhankelijk hypotheekadviseur wat de uitkomst betekent voor de lopende aanvraag.
De knelpunten waar je in de praktijk tegenaan loopt
Het proces is nieuw en dat merk je. De NVM wijst erop dat er te weinig deskundigen beschikbaar zijn en dat onduidelijk is waaraan de onderzoeken precies moeten voldoen. Dat betekent in de praktijk wachttijd, en soms discussie over de vraag of een uitgevoerd onderzoek voldoende is voor het rapport. Daar komt de kostenkant bij: het KCAF houdt 4.000 tot 5.000 euro aan voor een funderingsonderzoek, en die kosten vallen op een moment dat er al veel loopt. Het is verstandig om vooraf met de taxateur af te stemmen welk type onderzoek hij accepteert, zodat je niet twee keer betaalt.
Wat het kan betekenen als er herstel nodig blijkt
Wijst het onderzoek uit dat herstel nodig is, dan verandert het gesprek van proces naar geld. Het KCAF houdt voor funderingsherstel gemiddeld 54.000 tot 100.000 euro per woning aan. Herstelkosten worden meestal niet gedekt door de verzekering. Voor particuliere woningeigenaren die door een ontoereikend inkomen geen marktconforme financiering krijgen, bestaat sinds 1 juli 2025 landelijk het Fonds Duurzaam Funderingsherstel, uitgevoerd door SVn. Dat fonds is niet bedoeld voor woningcorporaties en niet voor VvE's, wel voor kleine particuliere verhuurders.
Wat een geldverstrekker doet, verschilt per partij
Wij doen geen uitspraken over wat een specifieke geldverstrekker wel of niet toestaat. Dat beleid verschilt per partij en verandert. Wat je wel kunt doen, is zorgen dat je met feiten aan tafel komt: een afgerond onderzoek, een duidelijke uitkomst en, als herstel aan de orde is, een beeld van de kosten. Leg de vertaling naar jouw hypotheekaanvraag vervolgens voor aan een onafhankelijk hypotheekadviseur. Dat is de aangewezen partij om te beoordelen wat er in jouw situatie mogelijk is.