Funderingsbegrippen
Korte, feitelijke uitleg van de termen die je tegenkomt rond funderingen. Elke uitleg is los leesbaar. Termen die we niet uit een aanwijsbare bron kunnen onderbouwen, staan er bewust niet bij.
De risicoklasse en het taxatierapport
Funderingsrisicoklasse
Een aanduiding van A tot en met E voor het funderingsrisico van een woning. A staat voor geen risico, B voor licht risico, C voor verhoogd risico of onzekerheid, D voor hoog risico en E voor een vastgesteld funderingsprobleem. Staat sinds 1 april 2026 in het model Taxatierapport Woonruimte van het NRVT.
Funderingslabel
De naam die in het spraakgebruik is ontstaan voor de funderingsrisicoklasse. Er bestaat geen officieel funderingslabel vanuit de overheid; een plan daarvoor is in 2020 ingetrokken.
Betrouwbaarheid van de risicoklasse
De aanduiding die bij elke risicoklasse vermeldt waar hij op rust: vastgesteld (directe informatie op pandniveau), afgeleid (gebaseerd op vastgestelde gegevens binnen een bouweenheid) of modelanalyse (modelmatig bepaald op basis van ondergrond-, grondwater- en zettingsdata). Bij een modelanalyse is de betrouwbaarheid lager.
Funderingsrisicorapport
Het rapport van het KCAF waarin de funderingsrisicoklasse van een woning staat. Het is geen onderzoek op locatie en stelt de kwaliteit van de fundering niet vast. Het wordt aangevraagd door de taxateur, makelaar of geldverstrekker, niet door de eigenaar zelf.
Onderzoek
QuickScan fundering
Een beperkt, niet-destructief eerste onderzoek aan de woning door een gespecialiseerd bureau, uitgevoerd volgens het QuickScan-addendum bij de landelijke Richtlijn Funderingen onder Gebouwen. Er wordt gemeten en waargenomen aan de buitenkant, er wordt niet gegraven of gehakt. De uitkomst geeft aan of verder funderingsonderzoek nodig is. De uitkomst is laag, midden of hoog risico. Het is een beslisondersteunend document, geen technisch eindrapport.
Fase 0-onderzoek
Een eerste, beperkt funderingsonderzoek op basis van archiefgegevens en beschikbare data, vaak in combinatie met een quickscan. Bedoeld om te bepalen of verder onderzoek nodig is.
Funderingsonderzoek fase 0
De verkennende stap in funderingsonderzoek. Hierin wordt bestaande informatie verzameld en wordt aan de woning waargenomen en gemeten, zonder de fundering bloot te leggen. De QuickScan valt binnen deze fase. Doel is bepalen of vervolgonderzoek zinvol is.
Funderingsonderzoek fase 1
Het eerste onderzoek waarbij de fundering daadwerkelijk wordt bekeken, doorgaans door een inspectieput te graven en de palen of het metselwerk te beoordelen. Fase 1 geeft antwoord op de vraag of er sprake is van aantasting en hoe ernstig die is.
Funderingsonderzoek fase 2
Het uitgebreide vervolgonderzoek na fase 1, gericht op de vraag wat er precies moet gebeuren en op welke termijn. Hierbij wordt de fundering verder in detail onderzocht en beoordeeld. Volgens het KCAF kost funderingsonderzoek 4.000 tot 5.000 euro.
F3O-richtlijn
De richtlijn voor onderzoek en beoordeling van houten paalfunderingen onder gebouwen, uit september 2012, van de Organisatie Onafhankelijk Onderzoek Funderingen. Een volledig funderingsonderzoek wordt volgens deze richtlijn uitgevoerd.
Inspectieput
Een put die naast de fundering wordt gegraven zodat de paalkop en het hout zichtbaar worden en de grondwaterstand kan worden bepaald. Dit is de manier om zekerheid te krijgen, en meteen de reden dat volledig onderzoek duurder is dan een bureaustudie.
Lintvoegmeting
Een meting waarbij de horizontale voeg in het metselwerk over de lengte van de gevel wordt ingemeten. Uit de afwijkingen in die lijn is af te lezen hoe de woning in de loop van de tijd is vervormd of scheefgezakt. De meting is niet-destructief en hoort bij het verkennende onderzoek aan de buitenkant van de woning.
De techniek
Paalrot
De aantasting van houten funderingspalen. Houten palen blijven goed als ze onder water staan. Zakt de grondwaterstand, dan komen de paalkoppen droog te staan en kunnen schimmels het hout aantasten. Ook onder water kan hout worden aangetast door bacterien. Verlaagde grondwaterstanden en droogte worden in onderzoek van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur genoemd als oorzaken van funderingsschade. Paalrot speelt bij houten palen, niet bij betonpalen.
Droogstand
De situatie waarin houten palen boven de grondwaterstand uitkomen en in contact komen met zuurstof. Dit is de belangrijkste oorzaak van paalrot.
Negatieve kleef
De neerwaartse kracht die inklinkende grond op een paal uitoefent. De grond zakt en hangt als het ware aan de paal, waardoor de belasting toeneemt. Speelt ook bij betonpalen.
Houten paalfundering
Een fundering waarbij het gebouw op houten palen staat die tot een draagkrachtige zandlaag reiken. Deze funderingswijze is veel toegepast in gebieden met een slappe bodem. De kwetsbaarheid zit in de grondwaterstand: bij droogstand of bacteriele aantasting verliest het hout draagkracht.
Fundering op staal
Een fundering zonder palen, waarbij het gebouw rechtstreeks op de ondergrond rust. De naam heeft niets met het materiaal staal te maken. Volgens funderingsexpert Mandy Korff (TU Delft en Deltares) zakken huizen zonder palen mee als de bodem wegzakt.
Gebied en gebouw
Aandachtsgebied
Een gebied dat in de landelijke dataset Indicatieve aandachtsgebieden funderingsproblematiek van RVO is aangemerkt als gebied waar funderingsproblematiek kan spelen. Het is een indicatie op gebiedsniveau, gebaseerd op onder meer bodem en bouwjaar, en geen uitspraak over een specifiek pand. In het spraakgebruik wordt zo'n aandachtsgebied ook wel risicogebied genoemd.
Bouwkundige eenheid
Een aantal aan elkaar gebouwde panden die constructief en qua fundering een geheel vormen, bijvoorbeeld een blok rijwoningen op een doorlopende fundering. Bij funderingsonderzoek en funderingsherstel wordt naar de hele bouwkundige eenheid gekeken, omdat werk aan een woning de buren raakt.
MJOP
Meerjarenonderhoudsplan. Sinds 1 januari 2018 is een VvE verplicht om een MJOP te hebben of jaarlijks minimaal 0,5 procent van de herbouwwaarde te reserveren. Kleine VvE's tot vijf appartementsrechten mogen daarvan afwijken bij schriftelijke instemming van alle leden. Omdat de fundering een gemeenschappelijk deel is, hoort funderingsonderhoud in het MJOP thuis.
Organisaties en regelingen
KCAF
Het Kennis Centrum Aanpak Funderingsproblematiek. Stelt het funderingsrisicorapport op, houdt een erkenningslijst van onderzoeksbureaus bij en is een van de belangrijkste bronnen over funderingsproblematiek in Nederland.
FunderMaps
De landelijke database met funderingsgegevens per pand waaruit het funderingsrisicorapport put.
NRVT
Het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs. Stelt het model Taxatierapport Woonruimte vast, waarin sinds 1 april 2026 de funderingsrisicoklasse is opgenomen.
NAFO
De branchevereniging rond funderingsrisico-onderzoek.
Fonds Duurzaam Funderingsherstel
Een landelijk fonds dat leningen verstrekt voor funderingsherstel aan particuliere eigenaren die geen marktconforme financiering kunnen krijgen.
Bronnen
Meer achtergrond staat in de kennisbank en in funderingsproblematiek in cijfers.
Weten wat er onder jouw woning zit?
Wat je hierboven ziet is een indicatie op gebiedsniveau. Alleen onderzoek aan het pand zelf geeft uitsluitsel over jouw fundering. Beschrijf je situatie, dan zoeken we uit welke stap in jouw geval past.
Er zijn twee vervolgstappen mogelijk. Een funderingsonderzoek kijkt alleen naar de fundering. Een bouwkundige keuring kijkt naar de hele woning, en daarin kan de fundering expliciet worden meegenomen. Bij aankoop is die combinatie meestal logischer, want anders blijft de rest van het huis ongezien.
Uit onderzoek van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur blijkt dat funderingsproblemen soms niet zichtbaar zijn en daardoor niet altijd in het bouwkundig rapport worden opgenomen. Een standaard keuring dekt de fundering dus niet automatisch: dat moet expliciet in de opdracht worden gevraagd. Beschrijf hieronder je situatie, dan kijken we welke van de twee in jouw geval past.
Wil je je eerst alleen orienteren? Laat je e-mailadres achter en je krijgt bericht zodra er nieuwe funderingsdata voor jouw gebied beschikbaar is.