Nieuwbouw op slappe bodem is een keuze met gevolgen op lange termijn. De Rli constateert dat nieuwbouw vooral moet plaatsvinden op draagkrachtige bodem. Tegelijk is ruimtegebrek nu al een probleem bij de bouw van 100.000 woningen per jaar, waardoor die keuze in de praktijk niet vanzelfsprekend is. Voor een koper van nieuwbouw betekent dat: de bodem onder het project is een relevante vraag, ook als het huis nog gebouwd moet worden.
In het kort
- De Rli constateert dat nieuwbouw vooral op draagkrachtige bodem moet plaatsvinden.
- Ruimtegebrek is nu al een probleem bij de bouw van 100.000 woningen per jaar.
- Onze gebiedsindicatie is gebaseerd op bestaande bouw en bodemkenmerken, niet op de constructie van een specifiek nieuwbouwproject.
- Oorzaken van funderingsschade zijn onder meer verlaagde grondwaterstanden, bacteriele aantasting, droogte, werkzaamheden rond een gebouw, veroudering en constructiefouten.
- Vrijwel nooit is er een enkele oorzaak.
Wat de Rli constateert
De Rli constateert dat nieuwbouw vooral moet plaatsvinden op draagkrachtige bodem. Dat is een advies over waar gebouwd wordt en niet over hoe een individuele woning wordt gefundeerd. Het staat in de context van een landelijk beeld waarin 425.000 gebouwen verzakkingsschade hebben of daar tussen nu en 2035 mee te maken krijgen.
Waarom die keuze in de praktijk lastig is
Ruimtegebrek is nu al een probleem bij de bouw van 100.000 woningen per jaar. Dat hangt samen met keuzes over bereikbaarheid, over landbouw, en over waar huizen nodig zijn ten opzichte van waar mensen willen wonen. Bouwen op draagkrachtige bodem concurreert dus met andere belangen.
Wat een koper van nieuwbouw kan vragen
- Op welke bodem wordt het project gebouwd en wat is daarover bekend.
- Hoe is de fundering van de woning ontworpen.
- Wat er bekend is over de grondwatersituatie in het gebied.
- Of er werkzaamheden rond het gebouw gepland zijn die de omgeving beinvloeden.
Waar funderingsschade uit voortkomt
De genoemde oorzaken van funderingsschade zijn verlaagde grondwaterstanden, bacteriele aantasting, droogte, werkzaamheden rond een gebouw, veroudering en constructiefouten. Vrijwel nooit is er een enkele oorzaak. Bij nieuwbouw spelen veroudering en bacteriele aantasting van houten palen op korte termijn geen rol, maar bodem en grondwater in het gebied wel.
Wat onze indicatie hier wel en niet over zegt
Wij zijn hier eerlijk over: onze gebiedsindicatie is gebaseerd op bestaande bouw en bodemkenmerken en niet op de constructie van een specifiek nieuwbouwproject. De indicatie kan je vertellen hoe het gebied ervoor staat, maar niet hoe een nieuw te bouwen woning is gefundeerd. Voor dat laatste ben je aangewezen op de informatie van de ontwikkelaar.